Bemoediging in deze tijd! Bemoediging in deze tijd!
Waar twee of drie…

Zolang er twee of drie mensen samenkomen in een huiskamer, worden er vooralsnog geen boetes uitgedeeld. Twee of drie buiten, maximaal vier, ook geen probleem. Het samenzijn van meerdere mensen wordt momenteel op alle mogelijke manieren ontmoedigd, om begrijpelijke redenen. Gelukkig zijn er enkele grondwettelijke uitzonderingen, zoals kerkdiensten, mits op een verantwoorde manier. Toch worden we in het dagelijkse leven ook weer niet helemaal op onszelf teruggeworpen, ieder voor zich, met uitsluitend huishoudens en eenlingen. Dat laatste klinkt als aliens, als je het onbedachtzaam uitspreekt. En dat doet weer denken aan ‘eilandjes’, eenzaam dobberend in de oceaan. Dat willen we niet zijn. Gelukkig blijft er ruimte voor die twee of drie. Dat klinkt bijbellezers als muziek in de oren. ‘Want waar twee of drie mensen in mijn naam samen zijn, daar ben Ik in hun midden’, spreekt de Heer (Mat. 18: 20). Een bemoediging aan het adres van kleine gemeenten, kleine samenkomsten, kleinschalige kringen rond de Bijbel. Een andere omschrijving voor het geheim van een handvol reisgenoten onderweg, als de Emmaüsgangers. We mogen erop vertrouwen dat het zeker geldt voor onze erediensten in coronatijd, met twintig of dertig op zondag in de kerk, in verbondenheid met velen daaromheen.

De theoloog Gerrit de Kruijf (in Tegenlicht, 2002) wees bij een dergelijke uitleg van deze tekst op het gevaar dat we dan onbewust toch te snel ervan uitgaan dat de Heer, in eerste instantie, natuurlijk vooral in die grotere groepen te vinden is. Zo van: natuurlijk is Hij bij de honderd, maar ook bij die twee of drie. Maar waarom eigenlijk? Wat nu als de Heer juist daar te vinden is? ‘Waar het zo persoonlijk toegaat, zo echt, waar mensen elkaar zo zoeken – daar woont God zelf, daar gaat het evangelie werken, daar is het niet langer een levensvisie, maar een gebeuren, een wonder. Daar wordt iemand gevonden.’ Dan kan zelfs die groep van twee of drie nog aan de grote kant zijn. Laat dat ook een bemoediging zijn, in deze tijd. Want velen van ons leven en wonen alleen. Vier gasten in de huiskamer is in gewone tijden al bijzonder. Evenzovelen voelen zich alleen, vaker dan ons lief is. Zou de Heer zijn aanwezigheid bewaren voor die twee of drie, of voor die twintig of dertig, in heimelijke afwachting van de honderd? Nee toch. Zeker bij de eenling, ook bij de twee of drie, en zelfs bij de honderd, is de Heer nabij.

‘Waar twee of drie’

Waar twee of drie
in mijn naam samen,
spreken van mij,
daar ben ook ik;
ik hoor hun hart
en ken hun namen
en spreek ze uit
dat ogenblik.

Dat ogenblik,
avond of morgen,
donker of licht,
grijp ik hun hand,
zing ik hun lied,
deel ik hun zorgen,
ben ik het vuur
dat in hen brandt.

Wat in hen brandt
is God de Vader
en God de Zoon
en Heilige Geest.
Dat ogenblik
ben ik genade:
kracht die verblijdt,
naam die geneest.

Naam die geneest
in ziel en leden:
zo ben ik met
die twee of drie;
en in mijn kracht
vinden zij vrede
en in mijn vuur
de harmonie.               Michel van der Plas (1927-2013)

Ds. Hans de Waal, Nijland
 
terug